Het kan niemand ontgaan zijn: de werkzaamheden in het kader van de Gebiedsontwikkeling Oostelijke Langstraat zijn in volle gang. Vanuit de auto op de A59 zijn zowel links als rechts van de snelweg de graafmachines te zien. Maar het verkeer rijdt nog volop. Voor de fietser echter is het omrijden geblazen. Sinds begin februari is het Halve Zolenpad door de Baardwijkse Overlaat afgesloten.

De vele scholieren en andere gebruikers worden verwezen naar de Overlaatweg, want de kettingzagen en de grijpers hebben het pad nu in gebruik genomen. De effecten daarvan worden inmiddels zichtbaar. Wat eens een fraai door bomen omzoomd pad was, is nu een kale dijk. En het wordt nog erger: ook de dijk zelf gaat verdwijnen. Tussen de brug over de Overstortweg en de grote brug over het Afwateringskanaal verdwijnt niet alleen alle natuur, maar wordt ook het grootste deel van de dijk zelf afgegraven. Liefst 332 meter dijk verdwijnt en nadat men dat deel van de dijk heeft afgegraven, komt er een nieuwe brug voor in de plaats, iets ten noorden van het gat en steunend op de oude pijlers die in die dijk verborgen zitten.

Voor een goed begrip herhaal ik dit nog eens: men graaft een groot deel van de dijk weg, constateert dan dat er een gat in de dijk zit en bouwt op die plaats daarom maar een extra brug. Immers: een gat in het veelgebruikte fietspad, dat wil niemand. Over de kosten van dat alles wil de provincie niet veel kwijt. Wel zegt men, dat er nu een openheid in het gebied komt en dat men dit moet zien als een compensatie voor de natuur die elders in het gebied verdwijnt voor de aanleg van het wegenstelsel, nodig voor de verbindingen naar de A59.

De Federatie Behoudt de Langstraatspoorbruggen (FBL) heeft tot en met de Raad van State geprotesteerd tegen deze gang van zaken. Maar het mocht niet baten. GOL graaft, zaagt, vernielt en verwijdert. Flora en fauna krijgen het zwaar te verduren. In plaats van over een dijk vol natuur fietsen we met z’n allen over bijna twee jaar over een betonnen brug, blootgesteld aan weer en wind. Weliswaar met een weids uitzicht over een kale Baardwijkse Overlaat, maar met verdrietige gevoelens over de teloorgang van de dijk en vooral over het onbegrip van de politici die dit alles hebben laten gebeuren.

Anton van Tuijl