Hij was een van de laatste ooggetuigen van de Tweede Wereldoorlog. Hij had het kwaad in de ogen gekeken. ‘Alleen de liefde overwint’, zei hij aan het eind van zijn leven. ‘Ja?’ vroeg ik, kijkend naar de wereld waarin we nu leven. ‘Overwint de liefde altijd?’ ‘Nee’, zei hij. ‘Niet altijd. Op het nippertje.’

Ik had niet goed geluisterd. Hij had niet gezegd dat de liefde altíjd overwint. Alléén de liefde overwint. Op het nippertje. Met die woorden kijk ik naar het nieuws. En zie leiders zich koning wanen met alles aan goud wat er blinkt omheen. Ze beloven gouden bergen, maar alleen voor zichzelf en hun handlangers. Er valt heel wat over deze wereld te zeggen en hoe alles gaat. Maar steeds meer valt op dat het voor deze mannen vooral om henzelf draait. Internationale wetten lijken niet meer te tellen. Grenzen tussen wat jij met mij mag doen lijken niet meer te tellen, net als grenzen tussen landen. Mensen lijken niet meer te tellen. Is dat ook onze toekomst? En moeten we ons dan maar bewapenen, om erger te voorkomen? Is er nog een houden aan?

‘Alleen de liefde overwint.’ Ik laat de woorden op me inwerken. Al het andere dus niet… En het is waar. Steeds weer waar gebleken. Het Griekse Rijk, het Romeinse Rijk, het Derde Rijk, alles en iedereen dat zich oppermachtig en onaantastbaar waande verging. Simpelweg omdat wie sterk denkt te zijn en nooit buigt, op een gegeven moment zal breken.

Liefde niet. Want liefde buigt juist wel mee. Omdat het niet alleen om ons draait. Dat kun je wel willen, maar dat is niet zo. Je kunt lang met alle macht anderen je wil opleggen, maar zoals liefde zich niet laat dwingen, zo komt er een moment dat je niet langer kunt doen alsof je meer bent dan een ander.

Het idee van macht, leerde een rabbijn mij, staat tegenover de kracht van ideeën. Ideeën dat ieder mens gelijk is en gelijke kansen moet krijgen. Dat elk leven telt. Dat de wereld ons in bruikleen gegeven is om door te geven aan volgende generaties. Dat vrede geen afwezigheid van oorlog is, maar een verbond om elkaar te zien en elkaar vrijheid te gunnen. Dat je zelf mag leven naar wat jij goed of fout vindt. En dat we tegelijkertijd een verantwoordelijkheid hebben voor elkaar. Dat we zorgen voor elkaar en dat iedereen toegang moet hebben tot zorg. Het lijken allemaal vanzelfsprekende ideeën, maar ze staan onder druk. Maar ze zullen overleven.

Op het nippertje. Net zo min als deze ideeën vanzelfsprekend zijn, zo onvanzelfsprekend is het dat ze niet het onderspit delven onder het geschreeuw, gedram en geweld van machtswellustelingen. Daarom moeten we opkomen voor die ideeën en ze bloedserieus nemen. Er is genoeg voor iedereen, als we elkaar ook wat gunnen. We kunnen die ideeën leven door op te komen voor collega’s, familieleden en vrienden die ongelijk behandeld worden. We kunnen opstaan tegen seksisme, racisme en grapjes, woorden en daden die mensen wegzetten om wie ze zijn. Ongeacht of je het met ze eens bent. Ieder mens heeft recht op leven.

Eén van de laatste ooggetuigen van de Tweede Wereldoorlog had zijn ogen voorgoed gesloten. We namen afscheid van hem en praatten na in een café in Knegsel. Toen ik daar nog even iets at voordat ik naar huis ging, zag ik dat ze er een eigen likeur verkochten: ‘’t Nipperke’. Daar moet nog maar eens op geproost worden, veelvuldig. Op de liefde, die wint. Op het nippertje.

Otto Grevink is dominee in De Langstraat en verbonden aan Pioniersplek Zin op School. Reacties zijn welkom op ottogrevink@gmail.com.