Door Bert Meijs
Op 21 april 1910 kwam ik weer in Herpt, van tevoren was ik al in Vlijmen geweest en daarna in Hedikhuizen. De nieuwbenoemde pastoor, dr. de Wit, kwam zijn opwachting maken. Hij hoopt een nieuwe kerk te kunnen bouwen, waarvoor hem echter de fondsen ontbreken, de schuld, over de bouw van de pastorie is nog niet afgedaan. Hij meent dat er veel kapitaal in Herpt zit, maar dat de mensen erg conservatief zijn. Naar het mij voorkomt overschat hij sterk de financiële toestand van zijn parochianen.
Burgemeester Buijs is erg ziek geweest, hij ziet er nog ellendig uit, ik vrees dat hij het niet lang meer zal maken (gestorven 6-02-1911). Bij zijn 25-jarig ambtsfeest (17 dec. 1909) gaf de Raad hem zijn portret, peinture Bogaerts, het hangt in de Raadszaal.
Binnenpolder van Herpt wil 3/5 betalen in de kosten van verharding van een stuk van een weg in de Hoeven (een deel van Haarsteeg dat onder Herpt viel), nl. zover daar huizen staan; maar dan moet Nieuwkuijk 2/5 (deel van Haarsteeg dat onder Nieuwkuijk viel) betalen en dat wil Nieuwkuijk niet. Wethouder Van Herpt is voorzitter van het waterschap de Binnenpolder van Herpt. Hij had over die weg pas een conferentie met het gemeentebestuur van Nieuwkuijk en met de burgemeester van Hedikhuizen. Men kon echter niet tot overeenstemming geraken, Nieuwkuijk had geen geld. De verharding zou in het geheel ƒ 2.500,- kosten. Aan de zijde van Nieuwkuijk staan zeventien, aan die van Herpt zeven woningen.
Alles samengenomen is men dankbaar voor de Maasmondverlegging. ‘s Winters zit men nu veilig, bovendien heeft men ‘s winters geen last meer van kwelwater. Een ongerief is het echter dat men ‘s zomers, als het water te Heusden een meter +A.P. staat, geen water in de sloten kan krijgen voor drinkwater voor het vee. Vroeger had men bij droge zomers ook weleens gebrek aan drinkwater, maar dat kwam tegenwoordig wel veel meer voor.
De polder van Bern wordt bemalen, stoomgemaal staat echter op hoogste punt, het meest ongeschikte plaats van de polder. Jammer, want met halve kosten zou men meer met de machine kunnen werken, wanneer die op de juiste plaats stond.
Er zijn geen openbare pompen in Herpt, vandaar, dat het drinkwater door Gezondheidscommissie nooit onderzocht werd.
Bouwverordening wordt streng gehandhaafd, om de eisen van de bouwverordening wordt niet minder gebouwd. Voor de Raad wordt er nooit gestemd.
St. Trudokerk.
Bezoek 7 augustus 1915
Burgemeester Van Herpt is nog steeds een grote schreeuwer en geen gemakkelijk man. Naar het mij toescheen gaat het thans niet zoo goed in de gemeente als vroeger onder burgermeester Buijs: er is thans stemming voor de Raad - reeds tweemaal - waarbij bijna alle kiezers opkomen en de overwinnaar niet meer dan een paar stemmen krijgt boven de volstrekte meerderheid.
De burgemeester is tevens kerkmeester, hij schijnt niet erg goed te kunnen met pastoor De Wit, een uitnemende geleerde, driemaal gedoctoreerd in Rome. Hij gaf althans nogal erg op de pastoor af. Vooral schijnt hij het de pastoor kwalijk te nemen, dat hij geen moeite doet om aan geld te komen voor de bouw van eene nieuwe kerk, de noodkerk, die er thans staat is veel te klein, beantwoordt niet aan de behoefte en is onwaardig een Gods huis te heten.
De school is in overeenstemming gebracht met de eisen van het laatste K.B., districts schoolopziener van Oppenraay, die de school wilde afkeuren, zou daarvoor nu geen enkele reden meer voor hebben.
Bijna alle gronden behoren in eigendom aan inwoners van de gemeente. Voornaamste uitwonende eigenaren zijn S. Verhoeven te Heusden, v. Kretschmar te Utrecht, pastoor Eras te Boxtel, dr. Van Mol te Rotterdam en Timmermans te Waalwijk.
Grote boeren beboeren toch maar een klein gedeelte van hun land. Zij kunnen geen arbeiders krijgen en verhuren hun land gedeeltelijk aan kleine boertjes, die dan veel groeten verbouwen en daarmee in Den Bosch gaan markten. Het schijnt dat het die kleine boertjes erg goed gaat.
Secretaris van Liempt ging als ambtenaar naar de secretarie van Helmond, als secretaris vervangen door een jongere broer. Deze schijnt het nogal gemakkelijk op te nemen, het verslag 1914 omtrent de toestand van de gemeente was nu eerst op het Goevernement gekomen, hem daarom een berisping gegeven. (Hij is later in Elshout verder in de fout gegaan).
Vier jaar later
Op 22 augustus 1919 bezocht ik per auto vanuit Den Bosch de gemeente Vlijmen, Nieuwkuijk en Herpt. De evenredige vertegenwoordiging bracht hier twee nieuwe leden in de Raad, daardoor is de burgemeester - die aftrad als raadslid en zich niet herkiesbaar had gesteld - zijne meerderheid kwijt. Het staat vast, dat de beide wethouders niet zullen worden herkozen. Het heftig karakter van de burgemeester en zijn niet altijd verstandig drijven berokkende hem dit échec.
Een eerste gevolg van de verkiezing zal wel zijn dat de hoofdelijke omslag in het vervolg progressief zal worden geheven. Ook de aftrek voor noodzakelijk levensonderhoud - tot nu toe ƒ 350,- moet verhoogd. Moors, een arme mandenmaker, kwam klagen, dat hij bij een aanslag van ƒ 600,- ruim ƒ 8,- hoofdelijke omslag moest betalen. M.i. terecht meende hij, dat iemand met ƒ 600,- inkomen zo’n bedrag niet kan betalen. Was de aftrek hoger geweest, dan zou hij billijker behandeld zijn geworden. Grote klachten, omdat even buiten Heusden, op Herpt’s territoir enige arbeiderswoningen zijn gebouwd. Nu is de school te klein en een nieuw gebouw kost zeker ƒ 30.000,-, waar moet dat geld vandaan komen?
De lonen zijn hoog, er zijn haast geen arbeiders te krijgen. De burgemeester heeft er twee en betaalt aan ieder ƒ 750,- per jaar. Ik heb B en W erop gewezen, dat de bestuurskosten zo hoog worden, dat kleine gemeenten die haast niet meer kunnen betalen. Daarom moet overwogen worden of de kleine gemeenten niet verenigd moeten worden.
Voor een vereniging met Heusden voelen de heren niets, met Haarsteeg en Bokhoven is te overwegen, de beide wethouders voelden daar blijkbaar wel wat voor, de burgemeester minder, dan is zijn Rijk uit!
Voor de bouw van een nieuwe kerk collecteerde pastoor De Wit verleden jaar ƒ 11.000,-, lang niet genoeg! Velen wilden niets geven, daar is veel wrijving in gemeente, de burgemeester is secretaris van het kerkbestuur!
Het gaat de mensen in Herpt bijzonder goed, in 1918 werd op de boerenleenbank ƒ 136.000,- gebracht en ƒ 3.500,- gehaald. De onder Herpt liggende gronden van Dr. van Mol te Rotterdam werden in 1918 geveild voor ± ƒ 70.000,- en aangekocht door Herptse mensen.
De zomer van 1923
Op 6 augustus 1923 bezocht ik Herpt en Heusden. Met de benoeming van burgemeester van Eggelen is de rust in de gemeente weer teruggekeerd. Bij de pas plaats gehad hebbende Raadsverkiezing werden de aftredende Raadsleden bij enkele kandidaatstelling herkozen. In een bestaande vacature werd met veel moeite Van Herpt - een zoon van de overleden burgemeester - gekozen. Deze Van Herpt kwam in zijn hoedanigheid van voorzitter van de polder van Herpt en het Heptse veld zijne opwachting maken. Hij gaf mij de indruk van een bekrompen, gierig geldzuchtig wezen.
De Haan en Oerlemans bouwden aan de weg Heusden - Herpt dertien arbeiderswoningen. De arbeiders wonen daar niet graag, er staan drie woningen leeg. Voor dertien Protestantse kinderen - meestal kinderen van twee brievenbestellers en een machinist van het stoomgemaal - moet de openbare school in stand blijven. Wordt Herpt met Heusden verenigd, dan kan die school direkt verdwijnen. Het is ergerlijk, dat de Rijksadministratie maar steeds Protestantse ambtenaren naar Roomse gemeenten zendt!
Drie diverse autobusdiensten passeren geregeld Herpt, de tram Heusden - Drunen heeft voor Herpt geen waarde meer.
De boterfabriek staat op de grens van Herpt onder Luttel Herpt, er moet een uitmuntende direkteur zijn.
Herpt heeft een contract met Hedikhuizen, om in geval van brand Luttel Herpt te bedienen, daar is geen eigen brandspuit.
Er was pas een grote brand, door het pannendak van het Raadhuis werd de brand gestuit. De harmonie is daar thuis, ze verloor al haar instrumenten en vaandel. Schade, niet verzekerd ƒ 1.500,-.
Voor de burgerwacht is veel liefhebberij, zowel om te schieten als om te oefenen.
Sinds de Hanzebank fout ging, schijnen de mensen de Boerenleenbank niet erg meer te vertrouwen, er wordt voortdurend veel geld terug gevraagd. De landbouw gaat goed, de tuinbouw gaat maar slapjes.
In de laatste vijf jaren werd geen landbouw- of tuinbouwonderwijs gegeven. Op de R.K. bijzondere school wordt aan de kinderen vervolgonderwijs gegeven, op de openbare gebeurt dat niet.
Voor een dag of veertien werd Pastoor De Wit begraven, hij was dertien jaar in Herpt. Over zijn heengaan scheen men niet erg bedroefd.
Advertentie in de Provinciale Noordbrabantsche en 's Hertogenbossche Courant van 9 oktober 1890.
Boer zoekt vrouw
Bijzonder is een adverntie van ca 135 jaar geleden. Wethouder Toon van Grevenbroek uit Herpt zoekt via de krant een nieuwe vrouw. Dit verhaal komt niet uit de verslagen van de eerder genoemde commissaris, maar is wel te opmerkelijk om niet te vermelden.
Op 9 oktober 1890 verschijnt een huwelijksadvertentie in de Provinciale Noordbrabantsche en ‘s-Hertogenbossche Courant: rooms-katholieke weduwnaar van ongeveer veertig jaren met drie kinderen zoekt vrouw uit de boerenstand. De advertentie is vier keer geplaatst. Onder een bewaarde advertentie staat: ‘A. v. Grevenbroek, wethouder te Herpt’. Uit deze aantekening is af te leiden dat het gaat om Antonius Johannes (Toon) van Grevenbroek, die wethouder en landbouwer was in Herpt. Verder was hij oprichter en voorzitter van de boterfabriek St. Isidorus in Luttelherpt en voorzitter van de plaatselijke boerenbond en bestuurslid van het waterschap. Hij richtte een boerenleenbank op en stond aan de basis van de zelfstandige kerk en pastorie in Herpt.
Op het moment van de advertentie was Van Grevenbroek 42 jaar en had 5 kinderen. Zijn 1e vrouw was Maria Clasina de Wilt.
Over zijn kinderen heeft hij waarschijnlijk bewust het juiste aantal niet vermeld om te voorkomen dat hij herkend zou worden, of om eventuele kandidates niet af te schrikken.
Pas in 1893 hetrouwt Grevenbroek met de dertien jaar jongere Maria Adriana van Ooijen uit Hedikhuizen, zijn dienstmeid. Samen krijgen ze nog negen kinderen, waaronder zoon Tinus. Deze zoon, Pater Josef, werd abt van de abdij Our Lady of Springbank (USA). Hij studeerde bij de 'Franse Paters' in Onsenoort, de latere abdij Marienkroon.
