Door Bert Meijs
Een kritische bezoeker
Op de website xtremerides staat een verslag van een bezoek aan het Land van Ooit in 2006, het jaar van het eerste faillissement. Het is een kritisch verhaal van iemand die duidelijk geen Ooit-fan is geworden. Samengevat hier het verslag van het bezoek:
'Aangekomen in het park kregen we eerst zo’n Ooit-groet aangeleerd. Ik kon me die nog herinneren van vroeger, toen vond ik er al niets aan. De entree was € 17,-, veel te veel wat mij betreft. Okay, er loopt veel personeel rond, maar het is ook allemaal wat overdreven.
De Slag om Waterloo kon ik me ook nog herinneren. Enig, maar net als toen was er weinig te doen. De Luie Lakei reed niet. Okay, het was de eerste dag, misschien lag het daaraan. Verderop kwamen we allerlei entertainers met verhalen tegen. Niet echt boeiend vonden wij. De kinderen hadden gelukkig meer interesse in de speeltuintjes. Een paar opblaasdingen waren nog zeiknat van de regen, dus daar mochten ze niet lang op.
Dan Reuzenland, zo’n beetje het enige deel met “attracties”. In het grote bed van de reus ga je omhoog, maar boven is niets te zien. Je kunt je hoofd door een gat steken en dat is het! De pantoffel is leuk, alleen moeten pappa of mamma meetrappen. Alles in het Land van Ooit moet je namelijk zelf doen. Daarna nóg meer wagentjes: weer een traptreintje, maar nu in taartvorm. Drie keer ongeveer dezelfde attractie, jippie!
Touwtrekken met de reus dan. Als volslagen gekken trek je aan een stang om vooruit te komen. Loeizwaar. De kinderen houden het na drie meter voor gezien en pappa en mamma mogen vrolijk verder trekken, terwijl de kinderen zich vervelen en gaan klieren.
Het doolhof was gelukkig een beetje leuk. Met een kaart moest je deuren openen en doordat niet alle deuren opengingen, was het nog best lastig. De Durfslurf bleek uit een paar glijbanen te bestaan; een gemiddelde speeltuin heeft ze hoger. De aangekondigde “donderballen” waren verdwenen. Wat mij nog een beetje leuk leek, stond dus te verroesten.
De cakewalk. (Foto: xtremerides)
Dan de Cake Walk. Leuk voor de kids, maar minimaal 1,40 meter. De kleintjes waren 1,30. “Ik ga wel mee”, zeg ik. Nee, zegt een meisje van hooguit 15: “Wij moeten aan uw veiligheid denken.” Op de kermis mag het wel, zeg ik. “Daar denken ze niet aan uw veiligheid”, krijg ik terug. Wat een klets! Er staan vier meisjes bij de Cake Walk, maar geen van vieren doet wat. Kinderen die wel groot genoeg zijn vallen ondertussen van de lopende band en zij staan erbij en kijken ernaar. Op de kermis helpen ze kleine kinderen tenminste nog.
Het laatste deel was een waterspeelplaatsje, maar daarvoor was het veel te koud. We liepen terug naar de speeltuin en na drie kwartier begon het te regenen. Om 15.00 uur verlieten we het park.
Op naar de kermis, op zoek naar een Cake Walk waar je tenminste wél gebruik van kunt maken. Dus: tot nooit!'
Faillissement
Het park maakt na het faillissement in 2006 nog een doorstart in 2007 en komt in handen van Taminiau’s dochter Mascha. Volgens Mascha van Till-Taminiau staan de parken in Drunen en Tongeren volledig los van elkaar; de twee bedrijven hebben helemaal níets met elkaar te maken, zegt ze. De vele negatieve publiciteit over Tongeren is echter geen reclame voor het Land van Ooit. Met behulp van een financierder is door Mascha het park voor een deel opgeknapt, maar de zomer werkt niet mee, het is slecht weer en de verwachte bezoekers blijven weg. Door de aanhoudende negatieve publiciteit rondom Ooit Tongeren hebben de leveranciers geen vertrouwen meer in het park en samenwerkingspartners sluiten zich hierbij aan. De organisatoren van het zo succesvolle Land van Sint van een jaar eerder kiezen voor een andere locatie, alweer een financiële domper. De enige plek in Nederland waar de kinderen de baas zijn is niet meer te redden. Op 21 november 2007 wordt het faillissement uitgesproken en komt er definitief een einde aan het park.
Ooit Tongeren met het beeld van Ambiorix. (Foto: loopings)
Ooit Tongeren
Het echtpaar Taminiau verhuist van Drunen naar Herk-de-Stad in België en gaat in Tongeren aan de slag met hun nieuwe park Ooit Tongeren. Taminiau is inmiddels volledig gefocust op de Belgische variant en op 16 juni 2007 gaat Ooit Tongeren open voor het publiek. Ooit Tongeren is een park met uitgesproken Romeinse accenten. Het attractiepark is gebouwd op een oppervlakte van 16 hectare en is daarmee ongeveer de helft kleiner dan het Land van Ooit. Het compacte park wordt een dagrecreatiepark met alle kenmerken van een nationale attractie. De verwachting is dat er op termijn 250 mensen aan de slag kunnen, het park moet meer dan 150.000 bezoekers per jaar gaan trekken. Ooit Tongeren is ommuurd door groen- en steenwallen met een Romeins karakter en er wordt ook nog een theatercomplex gebouwd. Een tweede fase voorziet in een zwemparadijs en een themahotel. Het pretpark is in vier delen gesplitst: Het Land van Ooit, Ooit Gedacht aan Waterkracht, Ruige Route en Rijk Romeins.
Direct na de opening op 16 juni 2007 zijn er al allerlei problemen, onder andere de algemeen directeur Jan Nonnenman neemt al op 3 augustus ontslag en de samenwerking met het financieel managementbureau Scales wordt stopgezet. Het bezoekersaantal is veel te laag, de beoogde 7.000 bezoekers per dag worden nooit gehaald, en er ontstaan conflicten met de financierders, de subsidieverstrekkers en de aannemer. Op 25 augustus wordt door een deurwaarder bewarend beslag gelegd op alle goederen namens de verhuurder. Taminiau stelt het park de volgende twee dagen (een weekend) gratis open (normaal € 18,- entree). De volgende dag op 28 augustus is het sprookje uit, NV Dea Dia (Taminiau had in België de NV Dea Dia opgericht met daaronder nog een viertal dochters) vraagt het faillissement aan. Taminiau zou vlak voor het faillissement 1,2 miljoen euro aan exploitatie en subsidiegelden hebben overgeheveld naar zijn eigen vennootschappen in Nederland. Zoon Tobias zou betrokken zijn bij dit complot en Tobias zit zelfs drie weken in voorarrest.
Schadevergoeding en beroepsverbod
Marc Taminiau mag hangende het onderzoek België niet meer verlaten. Hij beweert dat het fiasco van Ooit Tongeren niet te wijten is aan een falende exploitatie, maar aan de plaatselijke mentaliteit. Al voor de opening klaagt Taminiau over de slechte oplevering van het park. Er mankeert van alles aan de drainage, de theaters en de infrastructuur. Maar het Land móest open van de participerende overheden en financiers volgens Taminiau, met de fatale sluiting als uiteindelijk gevolg. In de rechtszaal verklaart de dan 71-jarige Marc Taminiau onder andere: "Ik werd onder druk gezet om een aantal facturen, die volgens de betrokken personen volledig legaal waren, te ondertekenen. Gewoon voorgelogen dus. Kon hij niks aan doen." En over bizar hoge uitgaven voor een reis naar China en een verblijf in een kuuroord zegt Marc: "We hadden beelden besteld in China en die zijn we gaan bekijken. Het verblijf in een kuuroord was een tussenstop." Wat volgde was een dagvaarding tegen de familie Taminiau. Tijdens een van de zittingen trok vooral meester Paul Geukens, advocaat van Plinius NV (eigendom van de stad Tongeren en de verhuurder van het park aan Taminiau), hard van leer tegen de familie Taminiau. "Dit hele project is uitgegroeid tot een horrorverhaal en is niet minder dan een schandvlek op de stad Tongeren. Ik beperk me tot het vragen van 1 euro morele schadevergoeding." Die schadevergoeding kreeg hij uiteindelijk niet omdat Plinius NV geen fysiek persoon is en dus onmogelijk morele schade kan oplopen. Enkele curatoren en een bedrijf dat instond voor de schilderwerken eisen een schadevergoeding. De vordering van twee andere burgerlijke partijen, die samen ruim 3.000.000 euro eisen, wordt door de rechter afgewezen. Volgens een krantenbericht zijn in 2013 de voormalige uitbaters van het failliete attractiepark Land van Ooit in Tongeren door de Tongerense rechter veroordeeld tot 3 jaar cel met uitstel en een geldboete van € 11.000,-. Marc Taminiau (72), zijn 71-jarige vrouw en zijn zoon moeten ook € 1.854.444,- schadevergoeding betalen en ze krijgen een beroepsverbod van 10 jaar opgelegd. Het trio stond terecht voor valsheid in geschriften, witwaspraktijken, misbruik van vennootschapsgoederen en inbreuken tegen de faillissements-wetgeving.
