Eind 19e eeuw was het gemeentebestuur van Heusden ervan overtuigd dat een Scheepswerf welvaart in Heusden zou kunnen brengen. De gunstige ligging van Heusden aan de Maas trok in 1905 een ondernemer die een Werf oprichtte. Helaas ging de onderneming al na drie jaar failliet. Een doorstart volgde een jaar later o.l.v. rasondernemers De Haan en Alta. Weer later kreeg het bedrijf de naam De Haan & Oerlemans. In de jaren vijftig nam Verolme de werf over die het uiteindelijk niet redde. Hoe kon het zo mis gaan? Het kloppend hart van Heusden kon toch niet stilvallen?

Door Henk Poelakker met dank aan Bert Kops

Hoe verder?

De vorige keer eindigden we met: hoe verder na de Tweede Wereldoorlog. Feit is dat Heusden in puin lag en dat er van de Werf niet veel over was. Ook de administratie inclusief ontwerpen en tekeningen van gebouwde schepen waren in vlammen opgegaan. Machines stonden te roesten, gereedschappen waren meegenomen. We maken een flinke stap vooruit en komen aan in 1954. Directeur De Haan was inmiddels 75 jaar en zijn gezondheid liet hem in de steek. Er gingen verhalen dat de Werf naar Woudrichem zou verhuizen. Ook werd gesproken over de te lage Heusdense brug waardoor schepen in Heusden niet echt afgebouwd konden worden. Het bleken niet meer dan geruchten. Een zekere Cornelis Verolme werd de nieuwe eigenaar. Deze man bleek een enorme dadendrang te bezitten. Hij werd de man van de Amerikaanse droom maar dan in Nederland. Verolme werd beroemd en berucht, geprezen en verguisd. Heusden zou vooral enorm grote mammoettankers gaan bouwen.

Een goed salaris

Na de Tweede Wereldoorlog was er een enorme vraag naar nieuwe schepen. De orders lagen voor het oprapen. Verolme presenteerde Heusden als een zeer gunstig gelegen scheepswerf met een open verbinding met de Noordzee. De bescheiden Werf van Oerlemans werd met gigantisch veel geld door Verolme omgetoverd tot een hypermoderne scheepswerf. Dat betekende groei en dus meer vraag naar goed opgeleid personeel. Een andere zorg was de huisvesting van personeel. De gemeente Heusden liet het afweten en dus ging Verolme voort op het pad van voorganger De Haan: zelf huizen bouwen. Nu niet meer rondom de Werf maar in Oudheusden. Om mensen acuut een dak boven het hoofd te bieden, kocht Verolme ’t Wapen van Amsterdam. Werken bij Verolme was populair, vooral door een goed salaris en goede secundaire arbeidsomstandigheden: gratis overalls, een sinterklaaspakket, winstdeling, kerstpakket en een informatief personeelsblad: Verolme Nieuws.

Mega order

Cornelis Verolme was eind jaren ’50 in Finland waar hij de vraag kreeg of hij een tanker van 20.000 ton kon leveren. “Even bellen met de Werf. Just a moment. Zeg Rijke (hij was op dat moment de directeur die verantwoordelijk was voor de dagelijkse gang van zaken), kunnen wij 20.000 tonners bouwen?” Het antwoord was negatief want hoe kon zo’n kolos ooit op de relatief kleine werf te water worden gelaten. En wat vindt Rijkswaterstaat van alweer een omlegging van de dijk? Tien minuten later belt Verolme opnieuw. “En, weet je al iets?” Theoretisch zou het mogelijk zijn maar of de Werf ooit een vergunning zal krijgen, is zeer de vraag. Het antwoord van Verolme: “Regel jij de vergunningen, ik ga deze mega order aannemen. We gaan zes van die enorme grote schepen bouwen.” In 1958 liep de eerste tanker, genaamd Tahama, van 20.000 ton van de helling. Daartoe moest een stuk uiterwaard aan de overkant plaats maken voor water. Ondanks dat, was het ook nu nog passen en meten geblazen.