Het was heerlijk weer, de zon scheen, volop een goede reden om weer eens bij mijn tante langs te fietsen en bij haar een bakkie koffie te gaan doen.

Toen ik aanbelde, zag ik dat haar gordijnen dicht waren. "Ha jongen, fijn dat je dat je met dit mooie weer toch nog even bij mij langskomt. Jongen, dat we mooi weer hebben is een van de positieve kanten van de klimaat verandering. Natuurlijk weet ik ook wel dat het slecht is voor de smeltende noordpool, maar voor mij mag de zon best meer gaan schijnen. Want vergeet niet jongen dat zonlicht veel vitamine D bevat en dat is heel goed voor mijn botten en mijn humeur.

Alleen las ik vanmorgen, als de huid teveel zonlicht krijgt, het risico op huidkanker heel erg groot is. Daarom blijf ik vandaag maar binnen zitten met de gordijnen dicht." Waarop ik zei: "Maar tante, je kunt toch ook buiten in de schaduw gaan zitten, dan heb je toch geen last van de zon. Vorige week zei je nog 'Regen en dauw, dan willen mijn voeten net zo gauw, maar het zonnelicht maken mijn voeten licht'."

Het was mij al opgevallen dat naarmate mij tante ouder wordt, het lopen allemaal wat minder gaat. Daarom begon ik onlangs heel voorzichtig over een rollator en zei dat het zo’n handig hulpmiddel is. Wat denk je wat ze toen antwoordde? "Daar wil ik helemaal niks over weten of horen, dat is pas een rol voor later en is nu nog niet aan de orde." Nu moet je weten dat ze juist de laatste tijd volop bezig is met haar lichaam en haar gezondheid. Laatst maakte ze zich zelfs zorgen, omdat ze de hele dag moest hoesten. Nog dezelfde middag belde ze haar huisarts. Mijn tante bleef net zolang aandringen totdat ze de volgende morgen al kon komen. Volgens de huisarts was het een onschuldig hoestje, mogelijk veroorzaakt door een lichte verkoudheid. Hij had een hoestdrankje voorgeschreven en zei erbij, ‘als het over twee dagen niet over is, kom dan nog maar eens even langs’.

Na twee dagen zat mijn tante dus weer in de spreekkamer bij de huisarts. "Uw hoest klinkt vandaag toch een stuk beter dan twee dagen geleden mevrouw", had de huisarts tegen haar gezegd. "Dat is misschien wel zo dokter", had ze geantwoord. "Maar ik heb dan ook wel twee dagen geoefend." Waarop de huisarts antwoordde op een toon die een onderwijzer niet zou misstaan: "Maakt u zich nou maar geen zorgen, het hoesten zal morgen wel over zijn. Dus u hoeft echt geen nieuwe afspraak meer te maken hoor." Waarna hij de deur van de spreekkamer voor haar open deed.

Jules Faber