Wanneer iemand tot priester gewijd werd, was het vroeger groot feest voor de familie en het hele dorp. De harmonie, het gilde en de rest van het dorp liepen uit voor hun dorpsgenoot. Boerenzoon Tiny Muskens uit Elshout groeide in de katholieke kerk uit tot een fenomeen met als bekroning zijn benoeming tot bisschop in 1994.
Karol Wojtyla
Jaren 80. Het Vaticaan met paus Johannes Paulus ll voorop, was niet blij met de houding van de gemiddelde Nederlandse katholiek. Nederland luisterde niet meer naar de paus, de geest was uit de fles en het was onmogelijk om deze terug in de fles te krijgen. De paus kwam in 1985 persoonlijk naar ons land om orde op zaken te stellen middels een PR-reis. Muskens hierover: Zijn bezoek werd een stuitende vertoning. De belangstelling van het publiek was minimaal en er waren rellen.
Het bezoek wordt zelfs nu, veertig jaar na dato, als een dieptepunt gezien in de Nederlandse kerkgeschiedenis. De gastheren van de paus deden er alles aan om de confrontatie tussen conservatieven en progressieven uit de weg te gaan. Er was geen ruimte voor dialoog. De paus mocht geen kritiek of wanklank horen. Achteraf was dat een grote belediging voor de kerkvorst want deze krachtige en intelligente Karol Wojtyla zou zeker aandachtig geluisterd hebben. Zou zelfs af en toe gelachen hebben en zijn critici de hand hebben gegeven of zelfs hebben willen omhelzen.
Ook in Den Bosch trekt de Paus geen volle pleinen en straten.
Heerlijke ochtenden
Muskens: Het is nooit bekend geworden wie de paus over het kritische Nederland verteld heeft. Ik heb hem meerdere keren persoonlijk mogen ontmoeten. Heb zelfs met hem geluncht. Na afloop van de maaltijd had ik nog altijd ‘trek’ en dat kwam door de vragensteller. De paus bleef maar vragen stellen, wilde alles weten en zorgde ervoor dat ik nauwelijks tijd kreeg om ontspannen te eten. In Rome werkten in die tijd ondanks de afvalligheid in ons land een flink aantal Nederlandse zuster, professoren, broeders en generaal-oversten. Al die Hollanders kwamen wekelijks bijeen en dat waren voor mij heerlijke ochtenden. Er werd veel gelachen en gekletst, we konden frustraties aan elkaar kwijt. Tegelijkertijd maakten we ons zorgen over de manier waarop het Vaticaan met katholiek Nederland omging.
Ciska en Kees
In 1987 vierde ik mijn zilveren priesterjubileum. Een feestje dus. Met mijn gasten bezocht ik stille catacomben in Rome. Op 26 juni vierde ik mijn jubileum in de Heilig Landstichting. We lazen daar uit Johannes 13-17, dezelfde tekst als toen ik tot priester gewijd werd. Ook in mijn zo geliefde Elshout vierde ik mijn jubileum. In mijn preek in mijn geboortedorp vertelde ik de mensen hoe belangrijk het dorp voor me is. Ik noemde de bewoners bij naam zoals Wotje de Tol; de toehoorders schoten in de lach want Wotje was zijn bijnaam. Twee jaar later was ik opnieuw in Elshout en dat voor het 50-jarig huwelijksfeest van Ciska de Man (zij was de vrouw die zorgde voor onze luiers) en Kees van Weert. Als verrassing leidde niet de pastoor de feestelijke mis maar ene Tiny Muskens.
Het boek ‘Wees niet bang’ mogen we van de schrijver Arjan Broers als inspiratiebron voor deze rubriek gebruiken.
