Wanneer iemand tot priester gewijd werd, was het vroeger groot feest voor de familie en het hele dorp. De harmonie, het gilde en de rest van het dorp liepen uit voor hun dorpsgenoot. Boerenzoon Tiny Muskens uit Elshout groeide in de katholieke kerk uit tot een fenomeen met als bekroning zijn benoeming tot bisschop in 1994.
Zwemdiploma
De vorige keer eindigden we met het nieuws dat Tiny Muskens uit Elshout in 1994 bisschop van Breda zou worden.
Ik kreeg direct na mijn benoeming een incident met de pers. Volgens een journaliste van Omroep Brabant zou ik gesproken hebben over vrouwen in de kerk. Dat was helemaal niet waar. Maar, het NOS meldde plompverloren dat de nieuwe bisschop van Breda voorstander was van vrouwelijke priesters. Geen plezierig begin. Het liep met een sisser af. In die tijd stond het Vaticaan nog behoorlijk sceptisch tegenover vrouwen. Voorbeeld: ik beval een uitstekend werkende vrouw aan die brieven zou kunnen vertalen van het Nederlands naar het Italiaans. Wat bleek: ze was precies de juiste persoon die men zocht maar er was één probleem: ze is een vrouw. De kerk is een strikte mannenwereld en dat is niet alleen slecht voor vrouwen maar ook voor de kerk. Terug naar mijn afscheid van Rome. Bij het inpakken van de persoonlijke spullen trof ik mijn twee zwemdiploma’s A en B aan die ik haalde in de Pleunewiel in Drunen. De handtekening van de strenge badmeester (meneer Portier) staat er nadrukkelijk op. Ik borg ze op, samen met de benoemingsbrief tot bisschop van Breda.
Handoplegging door kardinaal Willebrands tijdens de bisschopswijding.
Marietje
Mijn nichtje was bezorgd toen ze hoorde van mijn nieuwe ‘baan’. “Oom Tiny, je blijft toch wel lachen in Breda?” Al spoedig ontdekte ik dat mijn vrijheid voorbij was en dat ik niet meer mijn eigen agenda bepaalde. Als bisschop krijg ik aanhoudend verzoeken om ergens aanwezig te zijn, om zitting te nemen in een commissie, om te bemiddelen, om lezingen te geven enz. Voor studeren, lezen, een reis of een goede film is nauwelijks ruimte. Bisschoppen drinken de wijn meestal uit een eigen miskelk. Ik wilde niet dat mijn vader en broers daar financieel krom voor moeten liggen. Maar hoe bijzonder; ik ontving de kelk van de overleden pastoor Damen via zijn huishoudster Marietje. De wijding tot bisschop was een onvergetelijke gebeurtenis, een warme en feestelijke viering. Ik beschouw mezelf niet alleen als bisschop voor de katholieken maar voor iedereen die vrede zoekt. Graag zoek ik de samenwerking met joden en moslims als bruggenbouwer. Niet alleen op het hoogste niveau maar vooral ook op lokaal niveau.
Minder kerkgebouwen
Dat wat ik op mijn wereldreizen had gedaan, paste ik nu toe op het bisdom. Ik besloot naar de mensen toe te gaan. Wat direct opviel: de uitgestrektheid van het bisdom tot diep in het Zeeuwse land. Ook legde ik contact met de abdijen in het bisdom. Denk aan de benedictinessen in Baarle-Nassau, benedictinessen en norbertinessen in Oosterhout, de trappisten in Zundert en de benedictijnen in Oosterhout. Al snel werd duidelijk dat de kerkelijke organisatie moest veranderen omdat het aantal gelovigen bleef afnemen. Ook het tekort van priesters zou voortduren en er waren teveel kerkgebouwen. Afstoten stuit al te vaak op onbegrip en pijn want parochianen zijn vertrouwd met het bestaande kerkgebouw waar ze gedoopt zijn, waar ze communie deden, trouwden en rouwden.
Het boek ‘Wees niet bang’ mogen we van de schrijver Arjan Broers als inspiratiebron voor deze rubriek gebruiken.
